Interview met Klaas Hilverda

Binnen het pleinenproject binnen Bezuidenhout Oost wordt nauw samengewerkt met de gemeente en haar Ingenieursbureau. Hier werken de ambtenaren die de straten en pleinen ontwerpen. Nu een interview met de Klaas Hilverda, landschapsarchitect bij het Ingenieursbureau, betrokken bij de herinrichting van de riolering en het pleinenproject.

Klaas Hilverda (midden) tijdens workshop 2.
Klaas Hilverda (midden) tijdens workshop 2.

Zou je je aan de bewoners van Bezuidenhout willen voorstellen?
Ik ben Klaas Hilverda, al van jongs af aan combineerde ik mijn plezier in tekenen met mijn nieuwsgierigheid naar het ontstaan van landschappen en steden. Zandkastelen groeiden al snel uit tot hele steden, en bleken een prima manier om ruimtelijk inzicht te oefenen.

Voor de inrichting van de openbare ruimte van de stad streven we naar eenvoud, harmonie en ruimte. Een ontwerper hoeft voor mij niet nadrukkelijk zijn eigen stempel op een plek te drukken. Een neutrale openbaarheid van het ontwerp zie ik als een groot goed. Het is tenslotte niet de ontwerper, maar het zijn de gebruikers die een plek betekenis geven. Het is de taak van de ontwerper open te staan voor de verschillende betekenissen van een plek en een of meerdere daarvan te kiezen als inspiratiebron voor een ontwerp.

Ontwerpen is dus kiezen. Vanuit het zoeken naar de betekenis volgt het kiezen van een sfeer, uitgewerkt tot in de detaillering. Zelfs de meest eenvoudige voorzieningen en alledaagse woonstraten vragen om een doordachte compositie, in plaats van het gedachteloos bij elkaar zetten van losse elementen. Maar op de juiste plek is soms ook iets extra’s, een kers op de taart nodig. Projecten waar je in een groter gebied de juiste balans en samenhang kan bereiken heb ik altijd zeer bevredigend gevonden.

Zo heb ik met veel plezier gewerkt aan de wijk Wateringse Veld, waar wij de hele openbare ruimte, van woonstraten tot winkelplein en van park tot speelplek, in onderlinge samenhang mocht ontwerpen. Maar het meest spectaculaire project waar ik recent aan heb gewerkt is ongetwijfeld de Nieuwe Boulevard in Scheveningen, waar wij het ontwerp van de Spaanse architect Morales samen met hem mochten uitwerken.

Kan je aangeven hoe je verbonden bent met de gemeente Den Haag?
Ik werk dit jaar al 25 jaar bij de gemeente Den Haag, begonnen bij wat toen nog Dienst Groenvoorzieningen en Milieueducatie heette. Dat was in het kader van vervangende dienstplicht. Ik heb voor alle delen in de stad wel ontwerpen gemaakt, en ben de laatste tijd voor al veel in Scheveningen actief. Naast de al eerder genoemde Boulevard werken we daar nu aan een groot plan voor de buitenruimte van de rest van Scheveningen-bad, onder de naam ‘De Kust Gezond’. Het leuke daar aan is dat je betrokken bent vanaf het eerste begin van een project, het initiatief, tot aan het laatste detail van het ontwerp. Ik kan weinig minder leuke dingen bedenken…

Wat verbindt jou aan de wijk Bezuidenhout?
Ik woon zelf niet in de wijk, maar al weer enige tijd in het aangrenzende Voorburg. Door mijn werk bij de gemeente ken ik de wijk wel redelijk goed. Ik ben in het verleden betrokken geweest bij eerdere herinrichtingen van het Stuyvesantplein, en de aanleg van de volkstuinen langs de IJsclubweg en de groenzone langs de Schenk.

Wat vind je van het pleinenproject?
Het pleinenproject is voor mij een bijzonder project, omdat ik nog niet eerder op deze schaal (een groot aantal grote en kleinere pleintjes in een flink deel van een wijk) zo uitgebreid met bewoners samen heb gewerkt. Ik heb al wel vaker samen met bewoners of op basis van schetsen en ideeën van bewoners ontwerpen gemaakt, maar dat was altijd voor wat kleinere, individuele locaties. Nu gaat het over een veel groter gebied, en dus ook over de onderlinge samenhang tussen al die plekken. Die samenhang vormt voor mij dus meteen ook de grootste uitdaging.

Ik zou niet één speciaal iemand kunnen noemen die ik zou willen rondleiden, ik denk dat een geslaagd project voor iedereen waardevol kan zijn, of dat nu bewoners uit andere wijken, wethouders of collega-landschapsarchitecten zijn. En het project is voor mij geslaagd als de pleinen goed gebruikte plekken zijn geworden, waar bewoners trots maar ook zuinig op zijn, en tegelijkertijd een rustige vanzelfsprekendheid uitstralen, passend bij het karakter van de wijk.

Hoe ervaar jij de samenwerking met de bewoners?
De samenwerking ervaar ik tot nu toe als erg prettig. Het zijn leuke inhoudelijke discussies, en ik vind het goed om te zien dat er zoveel mensen met zoveel energie bezig zijn om hun wijk mooier en beter bruikbaar te maken.

De exacte uitkomst van het gehele proces is natuurlijk nog niet bekend, en allerlei randvoorwaarden en beperkingen zullen ongetwijfeld nog wel wat frustraties opleveren. Je moet dan denken aan eisen op het gebied van (verkeers)veiligheid, beheerbaarheid, techniek en natuurlijk ook kosten, maar ook eisen op het gebied van welstand en vormgeving. Er zijn verschillende gemeentelijke commissies die de plannen op deze zaken zullen toetsen, zoals bij alle plannen die wij voor de stad maken.

Maar de inbreng van bewoners is voor mij een essentiële voorwaarde om tot een goed ontwerp voor de pleinen te komen. Want ontwerpen is natuurlijk een vak, maar ik kan als professional niet bepalen wat voor de gebruikers belangrijk en wenselijk is. Het is mijn rol als ontwerper om de verschillende ideeën zo te verbeelden dat uiteindelijk de juiste keuzes gemaakt kunnen worden.

Een verkorte versie van dit interview verscheen in de Bezuidenhout Nieuws van juni 2015 (pdf)