Roep om ideeën voor nieuwe bestemming ministerie SoZaWe

Bart Mullink, Cobouw
Het Transformatieplein beleeft zijn tweede ronde. Opnieuw klinkt daarmee in de aanloop naar de Provada de roep om ideeën voor herbestemming van gebouwen. Leegstaande gebouwen zijn er reeds in grote aantallen, in allerlei soorten en maten, en nieuwe leegstand dient zich in hoog tempo aan. Talloze eigenaren wachten vergeefs op klandizie. Menig gebouw blijft ten onrechte onopgemerkt. Door panden te plaatsen op een virtueel plein, kan daarin verandering komen, is de gedachte achter het Transformatieplein, dat dit jaar zijn tweede ronde ingaat.
Een grote speler die nu van zich laat horen, is het rijksvastgoedbedrijf RVOB. Dit meldt zich onder meer met het voormalige Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, dat dateert van 1990. Dit gigantische kantoor (ruim 60.000 vierkante meter) in het Haagse Bezuidenhout is gebouwd naar een spraakmakend ontwerp van architect Herman Hertzberger: zestien achthoekige kantoortorens, op maaiveld met elkaar verbonden door een langgerekte straat.
Kansrijk 
Vorig jaar ging het Transformatieplein van start met een eerste reeks gebouwen. Uit de reacties bleek al snel welke meer en welke minder kansrijk waren. Iets waarvoor niet alleen de kwaliteit van de voorstellen zelf overigens bepalend was. Ook de visie van de eigenaar bleek plannen te kunnen maken of breken. Diverse gerenommeerde bouwpartijen kwamen met serieuze voorstellen om gebouwen een tweede leven te geven. Inclusief, essentieel om van idee tot project te komen, goed doorgerekende exploitatiemodellen.
Gebouweigenaren mogen hun eigen vastgoed aanmelden; ook overheden kunnen de handschoen oppakken. De indieners van gebouwen varieerden vorig jaar van deze gemeente tot het bisdom Den Bosch. Dat bisdom weet zich genoodzaakt flink wat religieuze gebouwen af te stoten.
De Provada begin juni is de gelegenheid waar de ideeën worden gepresenteerd die de komende tijd kunnen worden ingezonden. Net als vorig jaar dus. De bedoeling is dat het programma daarna niet stopt. Het ‘plein’ moet, zo is de wens, zelfstandig doorgaan. De initiatiefnemers willen er een ruimte van maken waar doorlopend nieuwe gebouwen worden gepresenteerd en ook doorlopend ideeën kunnen worden ingediend. Dat het ‘plein’ virtueel is, betekent dat de ruimte hiervoor in principe onbegrensd is. Het is een samenscholingplaats bij uitstek voor architecten, ingenieursbureaus, ontwikkelaars en andere creatieve bouwpartijen. Hun oog moet vallen op de gebouwen die zijn geplaatst, waardoor een krachtige ideeënmachine op gang kan komen. Voormalige kantoren, scholen, fabrieken, kerken, kloosters: een breed scala van vastgoed wordt verwelkomd.