Project Veilige snelheid in de wijk

Om te zorgen dat er niet te hard gereden wordt in woonwijken heeft de gemeente diverse maatregelen genomen zoals 30 kilometer zones en snelheidsdisplays. U kunt zelf een locatie opgeven voor een snelheidsdisplay.

Snelheidsdisplay
Uit onderzoek blijkt dat ernstige verkeersongevallen meestal gebeuren doordat automobilisten te hard rijden. Om het rijgedrag van weggebruikers te beïnvloeden, heeft de gemeente 40 snelheidsdisplays geplaatst op verschillende plekken in de stad. Deze displays herinneren de weggebruiker aan de maximum snelheid van 50 kilometer/uur.
Displays hebben een positief effect op het rijgedrag: automobilisten gaan langzamer rijden als ze een display zien. Na een aantal weken neemt het effect af. Daarom blijven displays niet permanent hangen, maar rouleren ze over 120 locaties in de stad. Op iedere locatie komt de display 4 keer per jaar terug. Door die herhaling is het effect het grootst. Wegbeheerders van de gemeente en de politie geven locaties aan waar een display moeten komen.
U kunt ook locaties voor een snelheidsdisplay aangeven via www.denhaag.nl/meldingen

30 kilometerzone
In de straten van woonwijken geldt een maximale snelheid van 30 km per uur. Dat is een veilige snelheid voor gebieden waar kinderen op straat spelen. De straten worden zo ingericht dat de maximum snelheid duidelijk is voor weggebruikers. Als er (onderhouds)werkzaamheden zijn aan een woonstraat, krijgt deze gelijk de inrichting van een 30 km straat, met drempels.
In de periode 2008-2011 zijn in 21 woonwijken 30 kilometer/uur maatregelen aangebracht. Van de 121 woonwijken in Den Haag zijn er nu 110 volledig ingericht tot 30 kilometer/uur gebied.

Hoofdroutes
Hoofdroutes zijn de wegen waar de hulpdiensten bij noodgevallen gebruik van maken. Dat zijn alle wegen waar een maximumsnelheid van 50 kilometer/uur of hoger geldt. Maar er zijn ook enkele 30 kilometer/uur straten die gebruikt worden als hoofdroute, bijvoorbeeld de Appelstraat. Op hoofdroutes mogen geen maatregelen aangebracht worden die ervoor zogen dat nood- en hulpdiensten niet goed kunnen doorrijden als dat nodig is. Drempels en wegversmallingen mogen daar dus niet. Maatregelen op het wegdek, zoals fietsstroken of ’30’ mogen wel.