Oprichting buurtpreventie moet overlast tegengaan

Ook in Bezuidenhout-West hinder van daklozen
door Piet Niekerk

DEN HAAG -Al geruime tijd is het op het Centraal Station en omgeving niet pluis. Junks, zwervers en (verslaafde) daken thuislozen zorgen al sinds jaar en dag voor overlast in de vorm van diefstal, zakkenrollerij, agressie, vernielingen, vervuiling enzovoort, als gevolg van drugsgebruik en alcohol.
Regelmatig wordt er omgeroepen: “Pas goed op uw eigendommen, er zijn zakkenrollers en tasjesdieven actief .Op en rondom het station Den Haag CS vinden diverse vormen van overlast en criminaliteit plaats. Bij een probleemanalyse wordt onderscheid gemaakt tussen overlast die in het station wordt ondervonden en de overlast en criminaliteit die buiten het station wordt ondervonden. Onder ‘in’ het Centraal Station wordt in dit verband verstaan de stationshal en de aangrenzende ruimten, de perrons en het busplatform. Onder ‘buiten’ het Koningin Julianaplein, de Anna van Buerenstraat en de Rijnstraat.
Hoewel Politie Haaglanden, de Spoorwegpolitie en de gemeente Den Haag participeren in een ‘projectgroep’ veiligheid stations, behoren overlast en criminaliteit ter plaatse bepaald niet tot het verleden. Er worden periodiek oekazes uitgevaardigd, alsmede gedetailleerde rapporten gelanceerd met lange inleidingen, maar veel effect hebben deze papieren maatregelen tot dusver niet gehad. Aanbevolen worden onder andere extra surveillance (geoptimaliseerd cameratoezicht), vergroten opvangcapaciteit dak- en thuislozen. Wat dat laatste betreft zou Den Haag een voorbeeld kunnen nemen aan New York, waar de burgemeester verplicht is daklozen een onderdak te bieden. In deze metropool zijn 380.000 daklozen, geen geringe opgave dus om deze ontheemden op te vangen. Het New Yorkse stadsbestuur beschikt echter over -opgelegde -cruiseschepen en die bieden een hoop zwervers een onderkomen.

Soepbus
Veel van de onverlaten, die het station CS en omgeving onveilig maken zijn voormalige soepbus-klanten. Tot vorig jaar stond de ‘soepbus’ permanent opzij van het station in de Anna van Buerenstraat. Er werd in de avondlijke en nachtelijke uren soep, koffie en brood verstrekt, terwijl daklozen er ook de nacht konden doorbrengen. Dat is toen stopgezet vanwege toenemende agressie en onderlinge vechtpartijen, waarbij het buspersoneel niet buiten schot bleef. De soepbus is sindsdien mobiel en rijdt ’s avonds en ’s nachts een route door de binnenstad en enkele buitenwijken. Een woordvoerder van de Kessler Stichting, die de soepbus exploiteert, zegt: “Nu de soepbus mobiel is, zijn er veel minder problemen en kunnen we meer mensen bedienen. Hij rijdt dagelijks, na 23.00 uur zijn ronde en doet ’s nachts een paar keer het Centraal Station aan. Ook verschijnt de bus in verschillende buitenwijken, zoals Kijkduin, Scheveningen en Zuiderpark, waar concentraties daklozen en zwervers zijn”. De woordvoerder weet mee te delen, dat er ’s nachts zo’n 200 a 300 mensen worden bereikt. “Dat is veel meer dan vroeger en we hebben geen trammelant meer”.
Zakkenrollerij wordt het meest gepleegd in de hal van het CS op de drukke tijden tussen 15.00 en 18.00 uur. En bij het beperkte treinverkeer tussen 1.30 en 4.30 uur, als er nauwelijks sprake is van (sociale)controle, vinden er ook veelwantoestanden plaats. Een doordeweekse dag, nog vroeg op de avond, geen (spoorweg)politie of veiligheidsfunctionarissen te bekennen, Alleen een paar geüniformeerde servicedames van de NS vigileren in de stationshal van het CS. Zij mogen geen inlichtingen verstrekken, terwijl ze best wat weten. Uiteindelijk zegt er een: “Het kan pas link worden hier ’s avonds na tien uur en als je dan die linkeruitgang neemt kom je in de Anna van Buerenstraat, daar kan je laat op de avond beter niet alleen in gaan” . In de vooravond is er inderdaad weinig loos, een enkele junk of dakloze loopt er al te spinzen. Een schuift er voorbij, een sjofele figuur, een reusachtige tas meezeulend en met zijn ogen rollend als een rat in een kaaspakhuis. Maar de sporen in de straat liegen er niet om: bierblikjes, lege flessen, allerlei afval en vooral een stank van urine, het armzalige domein van de desperado’s.

Afgesloten
Bezuidenhout-West grenst onmiddellijk aan het Centraal Station Den Haag en omgeving en de wijk heeft het twijfelachtige genoegen nogal eens geconfronteerd te worden met de uitwassen van de stationsbuurt. Zo heeft een woordvoerder van de wijkraad Bezuidenhout-West bittere klachten over de uitzaaiing, die zijn wijk teistert. “Die gasten komen van het Centraal Station en omgeving en bij ons worden regelmatig auto’s opengebroken. Laatst trof een bestuurslid, die op de Schenkkade woont, ’s nachts een slapende man aan op de achterbank van zijn auto. En er vinden hier geregeld autokraken en inbraken plaats, allemaal gepleegd door die ongeregelden van het Centraal Station, die hier naar toe uitzwermen.” De wijkraad heeft echter een antwoord ontwikkeld op de overlast en criminaliteit. De woordvoerder: “We zijn bezig met het opzetten van buurtpreventie, een nacht per week patrouilleren om onverlaten af te schrikken. We zeggen natuurlijk niet wanneer, maar het werkt preventief. We hebben al 12 tot 15 mensen en het enthousiasme is groot”. Op de valreep komt het bericht binnen, dat per 1 januari aanstaande een gezamenlijke maatregel van NS en gemeente van kracht wordt, dat de stationshal van het CS niet meer toegankelijk is voor mensen zonder geldig plaatsbewijs. Aangezien de veiligheid door stationsondernemers en ook niet door officiële instanties kan worden gegarandeerd is dit uiteindelijk eens een effectieve maatregel.