‘Experiment met meeuweneieren niet verantwoord’

De gemeente Den Haag geeft vandaag de officiële aftrap voor de start van een experiment om de eieren van dakbroedende meeuwen te verwisselen voor nepeieren. De gemeente heeft daarvoor ontheffing van de Flora- en Fauna wet gekregen. Die ontheffing is noodzakelijk omdat het verstoren en uithalen van nesten van beschermde vogelsoorten in Nederland verboden is. De Haagse Vogelbescherming (HVB) en de Haagse Dierenbescherming (HDB) maken zich ernstig zorgen over de voorgenomen gemeentelijke aanpak van het meeuwen-probleem.  De HVB gaat zeker een bezwaar tegen de verleende ontheffing indienen. De HDB wacht het resultaat van overleg met de gemeente af, alvorens zij de knoop doorhakt.


De bedoeling van het experiment, waarbij eieren worden omgewisseld voor nepeieren, is dat meeuwen blijven broeden op eieren die niet gaan uitkomen. Daarmee zou mogelijk de geluidsoverlast – die meeuwen vooral veroorzaken in de periode dat er jongen zijn – afnemen. De HVB en HDB hebben twijfels over de deugdelijkheid van de opzet en de uitvoering zoals beschreven in het gemeentelijke actieplan ‘Pilot nestbehandeling tegen meeuwenoverlast’. Alvorens over te gaan tot drastische middelen als het verstoren van meeuwen in het broedseizoen moeten er eerst andere oplossingen zijn geprobeerd. Die andere oplossingen, zoals het onbereikbaar maken van de daken, zijn niet onderzocht. Een andere voorwaarde is dat het project voor een duurzame oplossing moet zorgen. Met de proef waarmee de gemeente Den Haag nu wil starten, zijn die randvoorwaarden niet gewaarborgd. 


Opzet
De Haagse Dierenbescherming en de Vogelbescherming zijn in principe niet tegen een verantwoord uitgevoerd nestbeheer, maar dan moet de opzet van de proef meetbare resultaten opleveren en de uitvoering van het experiment gegarandeerd diervriendelijk zijn. Belangrijk geschilpunt met de gemeente is onder meer de noodzaak van een ‘nulmeting’ voordat er wordt begonnen met het omwisselen van eieren voor neppers. Om na verloop van tijd de resultaten van het experiment te kunnen meten, is het belangrijk om vóóraf een inventarisatie te doen naar de omvang en verspreiding van dakbroedende meeuwen in de stad. Alleen op deze manier kan het project na ca vijf jaar een meetbaar resultaat opleveren.

Alleen het verwisselen van eieren voor kunsteieren levert niets op. Uit wetenschappelijk onderzoek is tot nog toe niet bewezen dat deze aanpak een duurzaam resultaat oplevert. De meeuwen zijn mobiel en inventief en zullen na een slecht broedseizoen het volgende jaar direct zorgen voor aanvulling van hun populatie, waarmee het probleem opnieuw begint. De Gemeente Den Haag is namelijk niet van plan om na het broedseizoen op de plekken waar nesten aangetroffen zijn, meeuwwerende middelen aan te brengen.


Uitvoering
De Haagse Dierenbescherming en Haagse Vogelbescherming maken zich voorts zorgen om de mogelijke dieronvriendelijke uitvoering van het plan. De gemeente Den Haag heeft voor de uitvoering, het daadwerkelijke omwisselen van de eieren voor nepeieren, een ongediertebestrijdingbedrijf in de arm genomen. Volgens de Dierenbescherming staat dit bedrijf niet te boek als een diervriendelijk opererend bedrijf. De Haagse Vogelbescherming zegt in haar reactie: “zowel de opdrachtgever als de uitvoerder beschikken niet over de vereiste vogelkennis om adequaat om te gaan met de praktische uitvoering van het plan; ze zullen het verschil tussen de nesten en eieren van Zilver- en Mantelmeeuwen en de eveneens op het dak broedende en kwetsbare Scholeksters niet uit elkaar kunnen houden.” 

De HVB stoelt haar beweringen op de website van het bedrijf, waarop informatie wordt gegeven die ornithologisch volkomen onjuist is.


                                                                                 (foto: Jurriaan Brobbel)


Bezwaar tegen de ontheffing
Op grond van bovengenoemde tekortkomingen gaat de Haagse Vogelbescherming bezwaar aantekenen tegen de verleende ontheffing. De gemeente Den Haag heeft beide partijen onlangs uitgenodigd voor een gesprek. De Dierenbescherming, afdeling Den Haag overweegt het indienen van een bezwaar, maar wacht eerst het resultaat van het overleg met de gemeente af. Mocht het welzijn van de broedende meeuwensoorten in gevaar zijn, dan zal de Dierenbescherming niet aarzelen om een bezwaarprocedure te starten.


Diervriendelijke alternatieven
Er bestaat geen definitieve oplossing om overlast door meeuwen te beëindigen, dat moeten het stadsbestuur en de inwoners van Den Haag zich realiseren. Maar er zijn wel mogelijkheden die de overlast kunnen beperken. Allereerst dient een onderscheid te worden gemaakt tussen de problemen die meeuwen veroorzaken door het openscheuren van vuilniszakken en de geluidsoverlast die broedende meeuwen veroorzaken in bepaalde delen van de stad. Voor een echt duurzame oplossing van de meeuwenoverlast moeten de volgende actiepunten aandacht krijgen.


1. Het zorgen voor het terugbrengen van het voedselaanbod in de stad door het plaatsen van ondergrondse vuilcontainers en strikte handhaving op het dumpen van voedselresten en afval door particulieren en bedrijven.
2. Wetenschappelijk onderzoek naar gedrag en geografische verspreiding van de diverse soorten stadsmeeuwen, waarin opgenomen een gedetailleerde inventarisatie van alle broedplaatsen op stadsdaken in Den Haag.
3. Een voorlichtingsplan voor de inwoners van Den Haag waarmee kennis over meeuwen wordt verspreid – o.m. dat geluidsoverlast slechts een tijdelijk fenomeen tijdens het broedseizoen is – en waarmee burgers geïnformeerd worden wat zij zelf kunnen doen om overlast tegen te gaan.
4. Zorgen dat bij nieuwbouw en renovatie, de daken niet (langer) voor meeuwen aantrekkelijk zijn om te gaan broeden.
5. Een budget opstellen voor het – buiten het broedseizoen – aanbrengen van verantwoorde en diervriendelijke meeuwenwerende middelen op daken, zodat het nestelen van meeuwen verhinderd wordt. 


Vooral aan dat laatste punt is nog helemaal geen aandacht besteed.